Waarom is afwijzing zo pijnlijk?


Afwijzing is een groot ding voor de mens. In de hersenen activeert afwijzing dezelfde gebieden als wanneer je van je fiets valt. Het voelt (voor veel mensen) als fysieke pijn. Die pijn is een evolutionaire erfenis.

Hoewel ons leven drastisch veranderd is sinds onze voorouders millennialang als jager-verzamelaars in hertenvellen door de bossen zwierven, zijn onze lichamen en hersenen dat niet. Onze basisverlangens en angsten zijn hetzelfde. Vroeger betekende afwijzing en uitsluiting min of meer de doodstraf. Erbij horen was noodzaak, want in je eentje overleven was haast onmogelijk. Dat verklaart waarom veel mensen nu een bijna onevenredige sterke angst hebben voor afwijzing na een date, publieke blunders, openbare praatjes en waarom mensen stomme dingen doen als er genoeg sociale druk is.

Iemand afwijzen bijna net zo pijnlijk zijn als een afwijzing krijgen, vooral als je iemand aardig vindt. De verfijnde spiegelneuronen die de mens zo sociaal maken, geeft ze een goed inlevingsvermogen. En daarom kunnen mensen zich prima voorstellen hoe het voor hun tegenspeler voelt als ze die afwijzen. Ze voelen die afwijzing deels zelf.

Vooral in de liefde doet afwijzing pijn. Als een potentiële werknemer zijn stagiaire beter in het team vindt passen dan jij, dan kun je er vast wel mee leven. Maar als de persoon op wie je verliefd bent, jou meer als vriend(in) of gezellige kennis ziet, dan is dat een natuurramp.

Wat je tegen dat gevoel kunt doen? Helaas niet bijster veel, maar uit onderzoek (o.a. op onze datingsite Relatieklik) blijkt wel dat mensen eraan kunnen wennen. Niet voor niets wordt in sociale angst-cursussen en flirt-workshops de angst voor afwijzing aangepakt door die juist op te roepen. Na een paar afwijzingen op een belachelijk verzoek ‘Ik heb tickets voor een sm-beurs, ga je mee?’ dooft de angst wat uit. Juist een belachelijk verzoek waarbij een afwijzing te verwachten valt, maakt dat mensen het eerder durven vragen. Zo’n afwijzing voelt dan minder persoonlijk, vooral wanneer je merkt dat sommige tegenspelers toch leuk of grappig reageren en jij niet bent gestorven.

De grootse les? Afwijzing is behalve klote, ook een teken dat iets belangrijk voor jou is. Mensen die uit angst voor afwijzing zoveel mogelijk risico’s uit hun leven vermijden besparen zichzelf pijn op de korte termijn, maar reduceren daarmee hun leven tot wachtkamer. Terwijl ze fantaseren tot die bijzondere persoon op magische manier hun leven binnenwandelt… gebeurt er meestal niets interessants. Een leven zonder risico is doods.

eKudos Nu Jij

De liefdesparadox: waarom de liefde ons ontglipt

In onze hoofdstad is meer dan 40% van mensen tussen 25 en 40 vrijgezel. En dit betreft vaak lieve, leuke, aantrekkelijke, intelligente mensen die graag verkering zouden hebben en in een stad wonen met andere lieve, leuke, aantrekkelijke, intelligente mensen. Dat is de paradox

De moderne maatschappij biedt oneindige vrijheden en keuzemogelijkheden. En ons brein weet zich daar niet goed raad mee. Gek genoeg smoort precies die vrijheid liefde en levensgeluk in de kiem. Veel mensen blijven hangen in het datingproces zonder voor elkaar te kiezen.

Vroeger was de liefde een noodzakelijke en praktische aangelegenheid. Het huwelijk was de manier om seks te hebben. Seks gaf vaak kinderen. En kinderen gaven commitment. Scheiden was geen optie, tenzij je partner een gevaarlijke crimineel bleek.

Misschien was de traditionele parendans niet ideaal, maar mensen hadden niet de hele tijd het opgejaagde gevoel dat ze een betere partner of spannendere relatie moesten hebben. Het waren de beperkingen hielden die de liefde werkbaar maakten. Onze opa’s en oma’s waren bijna hun hele leven samen, nu scheidt de helft van alle stelletjes.

Anticonceptie, emancipatie en veranderde normen en waarden hebben de paringsdans onherkenbaar veranderd. Een relatie is geen noodzaak meer, het is slechts een instrument om je liefde te delen. Daarom hopen zoveel mogelijk behoeften te bevredigen met een en dezelfde partner. We fantaseren er op los, terwijl de werkelijkheid wat weerbarstiger is. Vaak tegen beter in hopen we op die ene partner die het allemaal (voldoende) heeft, en dat ook nog eens van jou vindt.

De grootste uitdaging is tegenwoordig om je niet gek te laten maken. En te waken voor perfectionisme en al te hoge eisen in de liefde. Het is broodnodig realistische verwachtingen te hebben. Wat dat betreft kunnen we leren van conservatieve culturen waar gearrangeerde huwelijken nog bon ton zijn. Ik zou nooit voor uithuwelijken willen pleiten, maar de cijfers zijn interessant. Het lijkt erop dat partners in gearrangeerde huwelijken gelukkiger met elkaar worden. Van een mager vijfje in het begin geven ze hun relatie in een later stadium een zeven. Bij ons is het andersom: we beginnen blij, gemiddeld met een zeventje, en eindigen met een vijf.

En toch, geef mij maar onze verworven vrijheden. We zullen alleen leren dealen met de schaduwkanten. Het is in ieder geval makkelijker dan ooit om met gelijkgestemde vrijgezellen in contact te komen. Zelfs als je met buikloop en een ontploft kapsel thuis ruftend op de bank zit kun je contact leggen via Facebook of een van de vele datingsites.

Online daten is geen tovermiddel, maar statistisch gezien vergroot je de kans aanzienlijk dat je iemand tegenkomt die bij je past. Als je wilt weten hoe je effectief kunt daten dan raad ik je dit artikel aan: do’s and dont’s van online daten volgens de wetenschap. En tot slot nog wat schaamteloze promotie voor als je daadwerkelijk het online dating-pad op gaat: neem bijvoorbeeld een kijkje op de gratis datingsite met relatietest die ik heb helpen opzetten.

eKudos Nu Jij

Ben je nog egoïstisch als je in de juiste relatie zit?


Woorden die beginnen met ‘ego’ worden meestal afgedaan als negatief. Ken jij iemand die graag ‘egoïst’, ‘egocentrisch’ of simpelweg ‘ego’ wordt genoemd? Behalve misschien een verdwaalde narcist? Op een oude enquete van onze datingsites Relatieklik en Knuz bleek dat mensen egoïsme de grootste afknapper in een partner vonden. Door die kwaaie bijklank zou je bijna vergeten dat egoïsme in een relatie niet alleen gewenst, maar zelfs broodnodig is.

Nergens wordt dat zo duidelijk als in bed. Zonder het vermogen je tijdelijk volledig op jezelf te concentreren en de ander te vergeten, is het lastig tot een orgasme te komen. Genieten is nu eenmaal vaak een egocentrische bezigheid. Zelfs als je het samen doet. De paradox van seks: door af en toe zonder schroom te nemen, wordt het een stuk makkelijker om daarna zonder voorbehoud te geven.

Wat in bed geldt, telt ook daarbuiten. Als één partner de ander alsmaar probeert te paaien of te sparen, wordt de relatie ofwel pijnlijk ongelijkwaardig ofwel dodelijk saai. In het eerste geval negeert iemand de eigen behoeften omwille van een partner die daar (misschien zonder het te weten) misbruik van maakt. In het tweede geval heb je twee mensen die zo weinig van elkaar eisen dat je je afvraagt of ze überhaupt nog iets wezenlijks met elkaar delen.

In duurzame relaties blijken partners behoorlijk egoïstisch te (kunnen en mogen) zijn. Relaties waarin geliefden hun eigen dingen blijven doen en daar de ruimte voor krijgen, houden langer stand dan relaties waarbij mensen elkaar beperken. Zolang beide partners maar het gevoel hebben dat het grote plaatje van hun relatie in balans is. Dit evenwicht hoeft niet half-half te zijn. Sommige mensen vinden géven nou eenmaal leuker dan némen.

Een goede dosis egoïsme maakt ook dat je eerder in een voor jou gezonde relatie belandt. Als iemand die conflictvermijdend is en tegelijkertijd veel ruimte en onafhankelijkheid nodig heeft, heb ik regelmatig klem gezeten in relaties waarin ik mij een totale egoïst voelde. Dat is mij ook vaak verweten. In sommige relaties lukte het me gewoon niet leuk mee te doen, hoeveel ik ook van haar hield. Shoppen, weekendjes welness, samen op de bank – omdat het niet van harte ging, hield ik daar op een gegeven gewoon mee op. Deze relaties eindigden soms in een spervuur van verwijten totdat een van ons de stekker eruit trok. Pas toen ik mijn behoeften niet meer verstopte om de vrouw in kwestie voor me te winnen – iets wat ik gek genoeg voorheen te egoïstisch zou vinden – werd veel sneller duidelijk met wie ik wel en niet in een duurzame relatie zou kunnen zitten. In de praktijk is dat een vrouw die voldoende op mij lijkt en mijn ‘egoïstische’ drang om regelmatig op mezelf te zijn gewoon begrijpt.

Als partners zich continu inhouden om elkaar niet te kwetsen, zit er iets niet goed. Voor buitenstaanders is het meestal makkelijker te bepalen wat er niet klopt dan voor de geliefden zelf. Deze mensen zijn vaak te emotioneel om te zien dat ze gewoon niet zo veel met elkaar gemeen hebben. Want voldoende op elkaar lijken – zo laat al het onderzoek zien – is wat relaties langdurig bevredigend maakt. Je begrijpt elkaar beter, communiceert makkelijker en je hebt meer voor elkaar over. Je-egoïstische-zelf kunnen zijn, is vaak de beste graadmeter om te bepalen of je in de juiste relatie zit. En wanneer dat zo is voelen de meeste egoïstische trekken niet als egoïsme, maar als gelijkwaardigheid. Met de juiste partner word je misschien nog een gever.

Deze column verscheen eerst in het gezondheidsmagazine GezondNu

eKudos Nu Jij

Niet jouw innerlijke stem, maar een intelligente app zal jou in de toekomst coachen

De unheimische belofte van kunstmatige intelligentie

Ik lijd regelmatig aan een zombie-achtige vorm van bewustzijnsvernauwing waarbij ik elk besef van tijd en ruimte verlies en de noden van mijn lichaam en omgeving verwaarloos. Het gaat hier niet om een hersenziekte of drugsverslaving, maar om een relatief nieuw fenomeen: het zwarte gat dat internet heet. Vooral ’s winters gaat het mis.

Urenlang wordt mijn aandacht opgeslokt door totaal irrelevante Twitter-discussies van mensen die ik nooit heb ontmoet of YouTube-getuigenissen van mensen die bekeerd zijn tot een onzinnige Hongaarse sekte waarvan de leider claimt een alien te zijn. Geen idee hoe ik daar verzeild raak. Een betere vraag zou zijn ‘hoe kom ik eruit?’ want hoe langer ik aan het digitale infuus vastzit, hoe minder daadkracht over blijft om mezelf los te rukken. Dat duivelse web weet steeds beter waar ik op zal klikken. Herkenbaar?

Ik verbaas me hoezeer mijn brein (en dus mijn hele identiteit) langzaam versmelt met die moderne technologie. We leven in een vreemde tijd en nog vreemder is dat we er allemaal zo aan gewend lijken. Neem internet. Dat is een uitvinding die alle trendwatchers uit de vijftiger jaren níet zagen aankomen. Ze zagen vliegende auto’s en schoonmakende robots, maar geen internet. Nu, een generatie later, kunnen we niet zonder.

Tegenwoordig hoef je je nooit meer eenzaam te voelen. Moederziel alleen, vanuit een hutje in de Russische Taiga kun je jezelf livestreamen op Facebook, twitteren met je favoriete tv-ster, facetimen met een oude vriend in Australië, een partner schaken via Tinder en meedoen aan een online pokerwedstrijd. Tegelijkertijd! Het world wide web heeft alles veranderd. Hoe we shoppen, werken, denken, communiceren, beslissingen maken, liefdesrelaties aangaan, vrije tijd doorbrengen, seks beleven, onszelf presenteren.

Maar de vooruitgang is ook op andere vlakken nauwelijks te bevatten. Sla het (wetenschappelijke) nieuws van de laatste tijd er maar eens op na. Dit zijn een aantal willekeurige kunstjes die mensen in de afgelopen paar jaar voor elkaar hebben gekregen:

Er bestaan inmiddels auto’s, vliegtuigen, robots en drones die zichzelf besturen. Er zijn algoritmes die muziek componeren, menselijke emoties lezen, ziektes diagnosticeren, artikelen schrijven en spelletjes spelen. Het is mogelijk levende organismen genetisch te veranderen en te klonen. Apen kunnen middels hun gedachten kunstmatige ledematen of elektronische apparaten besturen. Er zijn mensen die geïmplanteerde computerchips in hun vingers hebben waarmee ze de elektronica in huis bedienen. Het is mogelijk specifieke herinneringen in mensen aan- en uit te zetten. We kunnen via een scherm live meekijken naar de visuele ervaring van een kat. Artsen bereiden zich momenteel voor om de eerste hoofdtransplantatie uit te voeren.

Vanuit het perspectief van onze voorouders, die als duizenden jaren als jager-verzamelaar leefden, is dit pure tovenarij. Zij zouden denken dat de moderne mens goddelijke gaven heeft waarmee hij zowel de wereld als zichzelf onherkenbaar kan veranderen.

Geen mens heeft ooit succesvol de toekomst voorspeld (tenzij je dubbelzinnige vaagheden van glazenbol-lezers als Nostradamus serieus neemt), maar een ding is zeker: de Trein der Vooruitgang rijdt sneller rijdt dan ooit doordat een aantal revolutionaire technologieën – die elkaar versterken – langzamerhand tot bloei komen, zoals biotechnologie, nanotechnologie en kunstmatige intelligentie. Vooral kunstmatige intelligentie verandert in korte tijd hoe mensen doen, denken, voelen en beslissingen nemen. En dat zal vroeg en laat een revolutie ontketenen waarbij ons dagelijks leven er weer heel anders uit zal zien.

De volgende stap van deze interconnectiviteit? Ik voorspel dat we binnenkort niet meer luisteren naar onze eigen innerlijke stem of een deskundige van vlees en bloed, maar naar een app. Een zelflerend algoritme dat alles weg zal hebben van een heus orakel. Dit klinkt vast als het geratel van een sciencefiction-freak, tenzij je de volgende twee inzichten combineert: mensen óverschatten zichzelf en ónderschatten de potentie van kunstmatige intelligentie.

Als psycholoog weet ik dat mensen er extreem goed in zijn zichzelf voor de gek te houden. Elk mens wordt gekaapt door blinde vlekken, cognitieve dissonantie en tegenstrijdige verlangens. Hierom zeggen we vaak het één, voelen iets heel anders, en doen vervolgens nog iets anders. ‘Het is klaar met de sterke drank!’ ‘Vanaf nu elke week sporten.’ ‘Nooit meer seks met de ex.’ Ja, ja. Hoe graag we ook willen, echt rationeel zijn we niet. De meeste beslissingen verlopen onbewust en intuïtief. Vaak missen we essentiële informatie om echt goede beslissingen te nemen.

Een ‘intelligente’ app zou, als er voldoende data beschikbaar is, razendsnel door jouw zelfmisleiding heen prikken. Die data bestaat nu vooral uit jouw internetgedrag, maar het zal niet lang duren voordat ook jouw mentale en lichamelijke toestand op elk moment van de dag in kaart kan worden gebracht. Ons doen en laten wordt steeds beter meetbaar en technisch is het al mogelijk gezichtsexpressies, bloedwaarden, hartritme, stemming en zelfs zielenroerselen* af te lezen. En als al die data op een gegeven moment gekoppeld wordt in een intelligente app, dan kan een zelflerend algoritme jouw gedrag beter voorspellen en beïnvloeden dan jijzelf. Hier wordt momenteel volop mee geëxperimenteerd.

Zo’n algoritme koppelt vervolgens jouw persoonlijke data aan een monsterlijke database (van iedereen over de hele wereld), en houdt bij wanneer jij op het punt staat een slechte beslissing te nemen. Een prettige computerstem (eentje waar jij volgens de app het best op reageert) informeert jou dan:

‘Je kunt dat feestje beter skippen, want alles duidt erop dat je op het punt staat bijna griep te krijgen en volgende week heb je belangrijke dingen te doen. Je bloedwaarden laten zien dat je rustig aan moet doen. ’

‘Mmm, de film die je nu wilt zien is nu niet zo geschikt! Mensen in jouw huidige emotionele toestand konden raakte daar erg door van slag en konden er niet goed van slapen. Iets wat jij nu niet kunt gebruiken.’

‘Hmm, je bent extreem aangetrokken tot Janet en wilt het uitmaken met Lisa. Mijn prognose: de slagingskans met Janet is nihil, namelijk 7%. Afgaande op jouw liefdesverleden, dooft jouw interesse na drie keer seks uit en mis je die diepere connectie die je met Lisa hebt. Ik zou Lisa niet opgeven voor Janet: 94% kans dat je daar spijt van krijgt. Zie hier het hele rapport.’

Ik kan best een ‘stem’ gebruiken die mij waarschuwt wanneer ik weer in dat zwarte gat verdwijn. ‘Marcelino, alle data suggereert dat het efficiënter is om nu even offline te gaan. Je cortisolniveau is te hoog en je arme brein is overprikkeld. Doe anders een yogalesje bij Mia om vijf? Of ga wandelen: tot half zes blijft het droog.’

Jouw innerlijk stem zal in de toekomst mogelijk vervangen worden door een algoritme dat jou steeds beter leert ‘kennen’ en jou derhalve steeds beter (en overtuigender) leert adviseren op het gebied van geluk, liefde en gezondheid. En ondanks dat altijd mensen zijn die een groeiende weerstand zullen voelen tegen deze overname van kunstmatige intelligentie (net zoals mensen weerstand hadden tegen een smartphone) zullen er mensen langzaam toch mee versmelten er zich steeds afhankelijker voelen. Al is het maar omdat anderen die wél zo’n app gebruiken een grote voorsprong zullen hebben als het gaat om kennis, gezondheid en geluk.

Als je bent zoals de meeste mensen dan wil je het uiteraard direct weten als je een enge ziekte onder de leden ontwikkeld, op het punt staat voor een foute partner te kiezen of solliciteert op een baan die jou ongelukkig zal maken.

Of je wilt of niet, er komt een moment dat mensen bij het nemen van belangrijke beslissingen meer op een app zullen vertrouwen dan zichzelf. Want die kan behalve onze feilbare intuïtie, ook andere (voorheen onzichtbare) factoren in de beslissing meenemen.

Dit is vooralsnog sciencefiction. Net zoals jouw smartphone dat ooit was.

*Door middel van moderne breinscanners bijvoorbeeld kunnen we tegenwoordig steeds duidelijker zien wat er in ons brein gebeurt als wij angstig zijn, aan Angelina Jolie denken, een ijsje eten of een krantenbericht analyseren. En hoe meer grip we krijgen over de link tussen wat er in brein, lichaam en buitenwereld gebeurt, hoe meer we het zullen kunnen beïnvloeden.

eKudos Nu Jij

De oneerlijke welles-nietesdiscussie: vooroordeel versus goed geïnformeerde mening

Of het nou om een tv-debat of familieruzie gaat, een discussie is onbevredigend, en kan blijvende relatieschade opleveren, als twee mensen NIET over hetzelfde praten. Als ik het wil hebben over de geluidsoverlast die jij veroorzaakt en jij blijft herhalen dat ik gewoon last heb van een slechte muzieksmaak… dan wordt dat een onoplosbare burenruzie.

‘Kan die muziek alsjeblieft wat zachter: ik heb er last van.’
‘Nee echt, je hebt last van een slechte muzieksmaak. Als je het nog een maand aanhoort dan zul je het echt waarderen.’
‘Dat wil ik helemaal niet. Ik wil rustig een boek lezen na tienen.’
‘Dat zeg je alleen maar omdat je niet openstaat voor mijn muziek. Je bent een muzikale xenofoob.’

Dit langs elkaar heen praten is niet altijd meteen duidelijk. Vaak genoeg lijkt het voor de leek alsof twee partijen een redelijke en gelijkwaardige, maar onverenigbare, mening verkondigen. Dit is helaas niet altijd het geval.

Soms (zoals in mijn laatste discussie) heeft de één een onzinnige mening gebaseerd op niets anders dan een onderbuikgevoel en de ander een mening gestoeld op goede argumenten en relevante feiten. Eerlijk debatteren en kunnen toegeven wat je wel en niet weet is noodzakelijk als je tot elkaar wilt komen. Daarom is het goed deze drogredenen te kennen en te vermijden.

Iemand die ze goed kent, zal zich waarschijnlijk niet tot de tenenkrommende discussie verlagen waarin ik gisteren terecht kwam. Het ging over een openbaar debat, dus ik kon er niet zomaar uitstappen. Het was gekmakend. Ik zal hem formulematig uitschrijven, zodat het nog duidelijker zichtbaar wordt wat hier mis gaat. Misschien leer je er iets van.

De ander: ‘Ik vind ZUS van X.’
Ik: Aha, ik begrijp dat je ZUS vindt, maar toevallig heb ik X bestudeerd en de feiten lijken toch echt ZO te zijn.
DA: ‘Maar dat is jouw mening die jij nu heel stellig als een waarheid verkoopt.’
Ik: ‘Nou, ik had ook graag ZUS gevonden, maar nu ik X vanuit verschillende perspectieven heb onderzocht, lijkt het toch echt ZO te zijn. Onderzoek A, B en C bijvoorbeeld zeggen dat het ZO zit en niet ZUS.’
DA: ‘Ja, jij zegt dat wel, maar als ik eerlijk ben, vertrouw ik jouw feiten niet helemaal. Wie ben jij nu helemaal? Ik heb andere feiten gehoord.’
Ik: ‘Ik vind die kritische houding juist prima! Ik heb verschillende bronnen en onderzoeken die ik je kan toesturen en die jij allemaal kunt natrekken. Als je wilt kunnen we het daarover hebben?’
DA: ‘Sorry, ik neem dat niet zo van je aan. Statistiek is ook maar spelen met cijfertjes. En ik heb bovendien zelf meegemaakt dat het ZUS was. En veel mensen om me heen hebben diezelfde ervaring.’
IK: ‘Ja, dat snap ik. Ik heb zelf ook ZUS meegemaakt, maar jouw en mijn persoonlijke kijk zijn per definitie beperkt en bevooroordeeld. Daarom is onafhankelijk statistisch onderzoek zo nuttig… om het grote plaatje in beeld te krijgen. Want die klopt soms niet met wat een individu vanuit zijn kleine bubbel waarneemt. En al die onderzoeken naar X laten dus niet ZUS zien, maar ZO.’
DA: ‘Ja, jij probeert punten te scoren en je gelijk halen, maar ik ken die feiten die jij noemt niet. En sorry dat ik het zeg, maar ik ben allergisch voor dat betweterige toontje van je. Dat roept weerstand op.’
Ik: ‘Ja, ook dat begrijp ik, maar dat is niet relevant voor WAT ik zeg. We hebben het erover of X nu ZUS of ZO is. Ik kom met argumenten en feiten, en daar reageer je nu niet op. En langzamerhand wordt mijn toon inderdaad ongeduldig.’
DA: ‘Ja inderdaad, dit wordt een saaie eenzijdige monoloog waarin jij gelijk probeert af te dwingen. Je drukt me in een hoek. Dat doen fascisten zoals Wilders dus ook.’

(Ik raap ondertussen mijn gevallen onderkaak van de grond. )

Ik: ‘Eh… een fascist? Wilders? Wat heeft dat hier mee te maken. Ja, ik reageer inderdaad kribbig en ik herhaal mezelf, maar nogmaals, mijn toon is verder NIET relevant voor de hamvraag in deze discussie. De vraag is en blijft nog steeds: is X nu ZUS of ZO?’
DA: ‘Tja, en ik voel duidelijk dat het ZUS is en jij hebt het over statistische feitjes die ik niet ken. Dit is dus geen eerlijke discussie. Je wilt gelijk hebben en ik wil jou dat niet geven, en daar kan jij niet tegen. Dat is wat hier aan de hand is.’
Ik; ‘Nee, ik hoef echt niet per se gelijk te hebben, maar ik wil wél een eerlijke discussie, waardoor het nu eens echt over de inhoud gaat en jij reageert op WAT ik zeg, en niet op HOE ik het zeg.’
DA: ‘Sorry, maar zo werkt dat niet voor mij. Ik neem die feiten gewoon niet zomaar aan. Ik ken ze niet en jij probeert ze aan me op te dringen. Daar hou ik niet van. Ik heb het gevoel dat ik niet met je oneens mag zijn. Je laat me niet in mijn waarde.’
Ik: ‘Ik laat je wel in je waarde, maar ik vraag je op op de inhoud te reageren, en nu blijf je jammeren over mijn betweterige toon. Ik word moedeloos: kunnen we ermee ophouden?’
DA: ‘Ook dat nog: op het moment dat het moeilijk wordt, wil je er mee ophouden. Dat laat in ieder geval zien hoe zeker je van je zaak bent…’
Ik: ‘…’

Zo’n discussie kan eindeloos doorgaan, totdat een van beide wijselijk de stekker eruit trekt. Wat wel blijft hangen is een onbevredigend rotgevoel en een hartgrondige hekel aan elkaar. Als je vijanden wilt, moet je vooral discussiëren zoals mijn tegenstander deed. Hecht je aan zowel een eerlijke discussie als een goede relatie dan kun je het beter zo doen:

De ander: ‘Ik vind ZUS van X.’
Ik: Ik begrijp dat je ZUS vindt, maar ik heb allerlei bronnen en onderzoeken bestudeerd die jij allemaal kunt natrekken. We kunnen het over die bronnen hebben?’
DA: ‘Goed, dat moet ik nu maar van je aannemen dan. Stuur die bronnen maar op dan hebben we het er volgende keer over. Misschien klopt mijn gevoel niet met de feiten.’
Ik: ‘Prima, dan kunnen we nu naar het volgende onderwerp.’

Meer lezen? Lees ook dit artikel: Wetenschap is niet zomaar een geloof of mening.

eKudos Nu Jij

Maakt passief Facebook-gebruik ongelukkig?


Het is vast geen verrassing meer
, maar sociale media hebben hun weerslag op de gemoedstoestand. En niet per se positief. Veel mensen gebruiken Facebook op een voyeuristische manier, waarbij ze niet interacteren met anderen maar slechts passief kijken hoe anderen hun ‘leven’ op Facebook delen. De kans is dan groot dat je stemming er slechter wordt dan beter, suggereert onderzoek van de Universiteit van Kopenhagen. Als Facebook-gebruik niet samengaat met interactie op de site dan creëert dat eerder gevoelens van jaloezie en afgunst. Of ergernis. Het geeft je het gevoel dat je een eenzame buitenstaander aan de zijlijn bent die niet echt meedoet. En wie vindt dat nou leuk?

Mijn conclusie: gebruik Facebook vooral om te connecten met mensen. Misschien wel om af te spreken in de echte wereld?

Meer lezen?
Maken sociale media ons eenzaam en ongelukkig?
De narcistische akeligheid op Facebook verklaard

eKudos Nu Jij

De narcistische akeligheid van Facebook verklaard


Ik weet niet precies wanneer het is misgegaan, maar ergens in mijn zoektocht naar zelf- en mensenkennis – ik ben niet voor niks psycholoog geworden – heb ik een wat pessimistisch mensbeeld ontwikkeld. Facebook heeft daar in grote mate aan bijgedragen.

Alvast twee disclaimers over dit zure artikel. 1. Ik schreef het dus niet om je (zoals hier) te verlichten met wijsheden over sociale media, maar vooral om mijn eigen ergernis te ventileren. 2. Om dat te doen heb ik bovendien uitvoerig gepikt uit dit artikel van de briljante Tim Urban van Waitbutwhy.com. (Een artikel dat onlangs overigens zonder bronvermelding geplagieerd werd door Esquire).

Terug naar mijn frustratie. Uiteraard ben ik bevooroordeeld, maar nergens zie ik zoveel onnozelheid met zoveel trots gepresenteerd worden als op Facebook. En dat huwelijk tussen onwetendheid en ijdelheid brengt lelijke kinders voort. Facebook biedt 24/7 een podium voor iedereen die zijn hart wil luchten, een mening heeft en NU aandacht wil. En waar in het echte leven onhebbelijkheden uit beleefdheid vaak verborgen blijven, gaat op Facebook de beerput wel open. Dat is ook niet gek: zelfs om drie uur s’ nachts met een fles whisky en een onsje hallucinerende paddenstoelen achter de kiezen, kun je achter je toetsenbord kruipen om je bijzondere inzichten te delen. Je leert elkaar daar echt kennen. En zelfs iemand die niets post, kun je beoordelen op zijn of haar like-gedrag. ‘Wat? Mijn baas liket die Zwarte Piet-preek van Melissa?’

Bestaat er zoiets als een objectief stomme post?
Is het mogelijk een scheidslijn te bepalen tussen ‘vervelende’ en ‘goede’ posts? Ik denk het wel, en Urbans vuistregel slaat volgens mij de spijker op zijn kop. Een goede post verlicht tijdelijk je bestaan met nuttige informatie, een lach of moment van ontroering. Urban: ‘Het gaat erom dat niet alleen de auteur van de post, maar ook zijn lezers iets aan de post hebben. Vervelende Facebook-posts dienen alleen de auteur en doen verder niets positiefs voor het leven van de lezer. Ze worden alleen geplaatst om aandacht voor zichzelf te genereren, anderen jaloers te maken of een fraaier beeld van zichzelf neer te zetten.’ En natuurlijk zullen deze menselijke motivaties ook meespelen bij leuke posts, maar nu heeft de auteur zich tenminste ook in zijn publiek verdiept. Bij onderstaande statusupdates valt precies dit gebrek aan inlevingsvermogen op:

‘Mijn leven is gaver dan het jouwe’-posts
(Al dan niet samengaand met foto’s van cocktails, mooie uitzichten, spannende feestjes en poserende mensen):

Met deze ongelofelijke beauty’s naar de party van Vogue. #blondeshavemorefun

Whoop whoop, op naar de studio voor een interview met Radio 1. Lekker babbelen met Eric Corton over mijn nieuwe project!

 Een collegezaal toespreken met honderden studenten over nieuwe media! Verder helemaal niet zenuwachtig hoor

Doel: bewondering oogsten. Wat kan het nut van dit soort posts anders zijn dan lezers een jaloers gevoel te geven en aandacht krijgen? Het is mooi als je enthousiast bent over je leven, maar voor wie is zo’n post nu echt interessant of relevant, behalve dan voor je intimi met wie je ook appt, telefoneert en afspreekt. Dat zijn de meeste mensen in je Facebook-netwerk alvast niet.

Meer gewiekste Facebookers zullen subtieler opscheppen door hun zegeningen te verhullen met valse bescheidenheid. Urban noemt dit de undercover brag:

 Mmm, zo’n futloos is mijn kapsel na een ochtendje sportenl
(Foto laat strak bikini-lichaam en zwoele pruillippen zien.)

Dankbaar dat ik deze fantastische groep mensen mocht leren hoe ze mindful cupcakes kunnen bakken om gelukkiger te worden. Bedankt lieve mensen dat jullie er waren! Ik heb ontzettend veel van jullie geleerd

 Deze bescheidenheid is uiteraard bedoeld om de opschepper te sieren, want wat zegt die laatste post nou anders dan: ‘Ik ben er dankbaar voor dat IK zo geweldig ben.’ En dan zijn er nog die openbare theatrale liefdesverklaringen en steunbetuigingen op Facebook:

 Uit eten met mijn allerliefste, mooie, intelligente en prachtige vriendinnetje Marja Rovers. Hou van je schat <3.

 Liefje en ik genieten van ons uitzicht en elkaar #grenzelozeliefde #beachlife #eencocktailsmaaktbetermetjelief

Bedankt Pieter Bos dat je erbij was om mij te steunen bij mijn eerste optreden! Vrienden voor het leven!

Waarom is hier in vredesnaam publiek bij nodig? Om te laten zien hoe goed jullie band is? Om extra bevestiging te krijgen van je geliefde of vriend? Zo ja, dan is dit een vreemde, indirecte manier om dat te doen. Verdacht haast. En des te opvallender als de stroom publieke liefdesverklaringen ineens ophoudt. Dan weet het publiek zeker dat er heibel is in de relatie. Maar goed, die pijn is te verzachten met een ander type posts.

 ‘Ik wil steun, zonder dat ik daar iets voor doe’-posts

Helemaal ziek van. Contract niet verlengd omdat ik niet in het team zou passen!

Geërgerd. Vraagt die serveerster doodleuk of ik de oma van Nina ben. Het moederschap is zwaar, maar zo slecht zie ik er toch ook nog niet uit?’

Voor de derde keer afgewezen keer deze maand. Begin de moed wel te verliezen zo.

Dit soort posts hebben veel weg van wat psychologen ‘coping’ noemen: ze zijn een manier om vervelende emoties te reguleren. Vaak lukt dat enigszins als de steunbetuigingen daadwerkelijk binnenkomen, maar waarom bel je hiervoor niet een echte vriend(in)? Opvallend is dat de auteur zelden eerlijke feedback krijgt, maar wel zelfbevestigende steunbetuigingen die iemand verder niet helpen. Misschien is de auteur van de post gewoon een sukkel die concreet advies of een eerlijke spiegel nodig heeft. ‘Logisch dat mannen afknappen: je bent helaas een irritante zeurkous.’ Of: ‘Hallo, wakker worden! Niemand zal een zeiksnor aannemen die alleen maar huilt hoe onrechtvaardig het leven is.’ De mensen die wel zinnige kritiek hebben, zullen uit beleefdheid niet reageren. Niemand wil die azijnpissende Facebook-vriend zijn.

Een interessante variant van deze post noemt Urban de cryptische cliffhanger. Een post die duidelijk maakt dat er iets vreselijks of moois aan de hand is, zonder expliciet te vermelden wat dat is:

 Ongelooflijk, wat bestaan er toch vreselijke mensen op deze planeet!

 WTF! Bestaan er mannen op Tinder die wel normaal zijn?

Er staat iets supergaafs te gebeuren in mijn leven. Duimen maar mensen!

 Doel: mensen onnodig nieuwsgierig maken en aan je lippen laten hangen. Uiteraard zijn er voldoende mensen die daadwerkelijk happen na zo’n opzichtige post. Deze ‘techniek’ werkt dus. ‘Vertel, wat is er gebeurd?’ Of ‘Ik weet niet wat er aan de hand is, maar ik ben er voor je hoor <3!’

 ‘Ik eet, drink, sport, werk en ga naar bed’-posts
Geen idee wie de auteur hiermee een plezier denkt te doen, maar niets zo slaapverwekkend als de statusupdate waarin iemand uitleg geeft over de dagelijkse dingen die we ALLEMAAL doen. Het is de Facebook-variant op de buurman die jou mededeelt dat de zon schijnt als jij met dikke zonnebril en sombrero aan het tuinieren bent.

 ‘Wandelen in Broek in Waterland met Bert. Volgende week gaan we weer.’

 ‘Huis snel opruimen en nasi goreng maken voor mijn oude buurtjes die straks komen eten.’

Nieuwste koffiezetapparaat van Philips gekocht: de oude was wel aan vervanging toe

 Vanwaar zo’n uitbarsting van suffigheid? Een die waarschijnlijk je eigen moeder niet eens zal boeien? Het lijkt erop dat de auteur Facebook gebruikt als dagboek om de eenzaamheid op te heffen. Maar krijgt je leven echt meer betekenis door te delen dat je soep aan het koken bent en straks tv gaat kijken? Niemand is geïnteresseerd.

 ‘Ik ben een goeroe en weet hoe het écht zit’-posts
(Al dan niet samengaand met een Deepak Chopra-citaat)

 Wil je eens een mooi, perfect mens zien? Kijk in de spiegel. Je bent 100% perfect zoals je bent.

 Veroordeel niemand voordat je in diens schoenen hebt gelopen. Je weet nooit waarom iemand zo is geworden. De ander is niets minder dan jij: een manifestatie van het kwantumbewustzijn dat door jou en mij heen werkt. We zijn allemaal één <3.

Sommige mensen krijgen het hoog in de bol nadat ze een paar zelfhulpcursussen hebben gedaan. Ze wanen zich vervolgens een wijsgeer die anderen verlichting komt brengen. Meestal met pseudowijsheden die zo algemeen of meervoudig interpreteerbaar zijn dat ze niets meer betekenen. Holle frasen, geïnspireerd of geleend van bekende zelfhulpgoeroes als Deepak Chopra en David Wolfe. De posts lijken geschreven te zijn om mensen een hart onder de riem te steken, maar moeten juist de verlichte status van de auteur bevestigen. Soms is het doel anderen te overtuigen van een absolute waarheid. Iemand heeft na een cursus ayurvedisch mantra-zingen ineens minder last van angst en is ervan overtuigd dat de hele wereld dit zou moeten doen. Deze posts zijn oprecht, maar ook kortzichtig.

En dan zijn er de zogenaamde activistische complotdenkers, die er zeker van zijn dat zij de enige objectieve Waarheid met een hoofdletter in pacht hebben. Een Waarheid die totaal verduisterd is door mainstream media, politici, Facebook, de farmaceutische en voedselindustrie, de illuminati en Satan himself. De boodschap is: ik heb me echt in de wereld (lees: internet) verdiept en ik weet nu hoe we massaal voor de gek worden gehouden. De bronnen en bewijzen voeren altijd terug op halfgare websites van een clubje complotdenkers en pseudowetenschappers die niet begrijpen wat wetenschappelijk onderzoek en kritisch denken inhoudt.

 Lees het schokkende interview met deze arts!!!!! Je kind vaccineren is kindermishandeling!!!!!! Iedereen moet dit lezen!!!!!
(Het artikel zelf – meestal vol taalfouten – staat op een vage website waar ook andere belachelijke complottheorieën huishouden. De arts is meestal geen arts maar een zelfbenoemd natuurarts die een cursus kruidengeneeskunde heeft gedaan.)

Het gevaar van deze posts is niet dat ze saai zijn, maar dat ze de mensen die zich er niet genoeg in verdiept hebben onnodig bang maken en in gevaar brengen.

 ‘Ik heb een mening die totaal voor de hand ligt, maar ik deug tenminste wel’-posts
Laten we het beestje bij de naam noemen: de wereld is kut. Nou ja, voor de meeste mensen dan. Honger, kinderarbeid, racisme, inkomensongelijkheid, milieuproblemen, armoede, bio-industrie, scooters op het fietspad. Zelfs een vijfjarig kind kan hiervan de oppervlakkige oorzaken en oplossingen benoemen. ‘Eerlijk delen? Lief zijn voor mekaar?’ Het publiekelijk benoemen van de ellende laat jou in de ogen van je lezers deugen, maar je laat vooral zien wat zijzelf ook al vinden en draagt niet concreet bij de oplossing van het probleem.

 Wanneer leren we nou om met elkaar in vrede te leven. Iedereen is gelijk ongeacht kleur, ras of religie!

De grens tussen ‘ik deug’-posts en constructief activisme is niet altijd duidelijk, maar echte activisten zijn buiten Facebook ook actief om de wereld te verbeteren en vragen op Facebook meestal concrete hulp voor het project waarvoor ze zich inzetten. Die posts zijn in ieder geval gebaseerd op meer dan alleen ijdelheid. Er moet een petitie getekend worden of geld worden gedoneerd. De mensen die alleen posten dat ze ergens mee zitten, zijn vooral bezig met laten zien dat ze oké zijn. Het zijn de mensen die na een ramp reageren met een nogal voor de hand liggend statement als:

Ongelooflijk wat mensen elkaar aandoen uit naam van religie. Ik leef mee met de nabestaanden.

… steekt een kaarsje aan voor de mensen in Nepal. Ik ben daar zelf twee geleden ook geweest, prachtig land, prachtige mensen! #aardbevingNepal

Deze mensen gebruiken een ramp om te laten zien dat ze een goed mens zijn. En dan heb je nog de politiek correcte, brave meningen die duidelijk maken dat jij het hart op de juiste plaats hebt, maar ook dat je verder totaal niet serieus hebt nagedacht over het onderwerp of de meningen van de mensen die je probeert te weerleggen. Het zijn dooddoeners die vaak onwaar zijn en alle nuance over het hoofd zien.

Weg met dat gore pvv-volk! Wat bezielt al die mensen om zo harteloos met vluchtelingen om te gaan. We hebben het over mensen. Mensen die hun gezin liefhebben en ook in vrede willen leven.

Elke religie predikt precies dezelfde waarheid en liefde! Waarom elkaar niet liefhebben zoals God het vast bedoeld zou hebben als hij zou bestaan.

Als je zwarte piet zo haat, waarom ben je dan nog in Nederland?

Omgang met Facebook
Een schrijver van wie ik de naam kwijt ben scheef ooit iets als: ‘Wijsheid is niets anders dan observeren hoe andere stupiditeiten begaan, om die vervolgens zelf niet te begaan.’ Dat is min of meer hoe ik ook met Facebook probeer om te gaan. Ik post tegenwoordig alleen maar als iets wil verkopen of informatie nodig heb. Verder blijf ik er weg.

eKudos Nu Jij

Do’s en don’ts van online daten (volgens de wetenschap)


Jij verkiest liefde op het eerste gezicht boven het staren naar profielfoto’s? Je gokt liever op een magische ontmoeting tijdens je wandelvakantie dan dat je afspreekt met een van die honderden ‘profieltjes’ die je met rood doorlopen ogen hebt bestudeerd. Wie niet? Toch overstijgen de voordelen van online daten waarschijnlijk de nadelen.

Statistisch gezien vergroot je met online daten de kans aanzienlijk dat je een geschikte partner vindt. Vooral als je in je dagelijks leven weinig potentie tegenkomt. Zelfs als je brak op de bank ligt met diepdonkere wallen en een ontploft kapsel kun je het voorwerk doen om je toekomstige partner binnen te hengelen. Online daten is niet meer weg te denken uit de paringsdans van de moderne mens.

Zo veel profielen, zo weinig tijd
Niet iedereen is handig met deze nieuwe paringsdans. Het nadeel van online daten is dat je op basis van heel veel profielen (met heel weinig en grotendeels gemanipuleerde informatie) moet beslissen met wie je een date wilt. Dat geeft allereerst keuzeverlamming. Meer keuze betekent niet noodzakelijk meer liefde. Integendeel, hoe meer profielen, hoe oppervlakkiger daters selecteren, hoe eerder ze spijt en bindingsangst krijgen, en alsnog afhaken. Ten tweede is niet iedereen er goed in zichzelf interessant te maken of tussen de regels door te lezen wie er een geschikte partner is.

Het eerste stadium van de date-fase is om zo snel mogelijk kaf van koren te scheiden. Net zoals jij niet iedereen een eerlijke kans geeft, zullen anderen dat andersom ook niet doen. Word jij vaak genegeerd? In plaats van alle vrouwen of mannen te vervloeken, moet je eerst onderzoeken of je de regels van de deze moderne paringsdans wel voldoende onder de knie hebt. Misschien heb je nog wat te leren.

Onderzoek laat zien dat mensen aanvankelijk vooral letten op grote afknappers: ze zoeken naar redenen om iemand weg te klikken. Pas daarna onderzoeken ze het poeltje met overblijvers om te beslissen met wie ze echt contact willen.

De twee hamvragen die je moet beantwoorden om meer succes te hebben:
- Hoe weet je nou of je niet ook geschikte kandidaten weg klikt (alleen vanwege een verkeerde leeftijd, vage foto of saaie profieltekst)?
- Hoe zorg je ervoor dat jijzelf niet weg wordt geklikt door geschikte kandidaten (vanwege dezelfde redenen)?

Khalid Khan en Sameer Chaudhry analyseerden de beschikbare wetenschappelijke literatuur en kwamen tot enkele conclusies die ik hieronder kort beschrijf en aanvul met eigen suggesties:

Hoofdfoto – Mensen zoeken eerst naar visuele cues om potentiële partners van de rest te onderscheiden. Een goede foto maakt het verschil tussen wegklikken of niet. Helaas kun je je uiterlijk maar tot op beperkte hoogte boosten, maar een goede foto kan jou die extra gunfactor geven. Als jij het van je charme en humor moet hebben, moet je natuurlijk wel eerst een kans krijgen om die te laten zien.

Het is wel belangrijk een waarheidsgetrouwe foto te plaatsen. Foto’s waarop je tien jaar jonger en twintig kilo lichter bent, zorgen voor een teleurstellende eerste ontmoeting. Al is het maar omdat het je onbetrouwbaar maakt. Dat is nogal een dealbreaker in relaties. Je hoeft je dus niet veel beter voor te doen dan je bent. Een profiel moet een gezond evenwicht bevatten tussen eerlijkheid en positieve zelfpresentatie, want je wordt er tijdens de date op afgerekend als die twee te ver uit elkaar liggen.

Kies een representatieve foto waarop jij op je best bent. Mijn advies: laat vrienden (van de sekse waarin jij geïnteresseerd bent) een foto uitzoeken. Die hebben er meer kijk op. Mensen letten bij hun eigen foto’s vaak obsessief op details die alleen henzelf interesseren, en dat geeft soms rare fotokeuzes. Een vrouwelijke kennis van mij schaamde zich voor haar blooswangen, maar veel mannen vonden het juist aantrekkelijk. Zij liet juist foto’s zien waarop ze er bleek, ziekelijk of koeltjes uitzag.

Wat concluderen wetenschappers verder? Een oprechte lach, herkenbaar aan rimpeltjes bij de ogen, doet het bijna altijd goed. Ook een zelfverzekerde, directe blik in de camera scoort punten. Het laat zien dat jij je blijkbaar niet schaamt voor jezelf en dat je oké bent.

De valkuilen? Ervan uitgaande dat je op zoek bent naar een serieuze relatie, hoef ik je vast niet uit te leggen dat de nadruk op sixpacks, spierballen, decolletés en pruillippen niet in je voordeel werken. (Ook niet als je er nadrukkelijk bij zet dat je niet geïnteresseerd bent in one night stands. Sommigen zien dat juist als een uitdaging.) Subtiel is het sleutelwoord. Ook foto’s waarin je nogal opzichtig poseert met een Audi, fotomodel, grote vis of BN’er stralen uit dat je wanhopig iets probeert te compenseren. Nogmaals, bij twijfel: vraag een vriend of vriendin.

Datingsites bieden naast standaard profielfoto’s ook gelegenheid voor andere foto’s. Welke foto’s doen het goed? Een groepsfoto waarin je te zien bent met anderen geeft de indruk dat je sociaal bent en zelfvertrouwen hebt. In een onderzoek vonden vrouwen een man aantrekkelijker wanneer ze op een foto zagen dat een andere vrouw naar hem lachte. Die andere vrouw functioneert onbewust als een soort keurmerk: ‘Een andere leuke vrouw vindt hem leuk, hij zal dus wel leuk zijn.’ Verder? Foto’s waarop jij in het centrum staat, laat anderen denken dat je belangrijk bent en foto’s waarop jij een ander (op de arm) aanraakt, maken je iets aantrekkelijker: als jij iemand aanraakt in plaats van andersom wordt jij onbewust gezien als degene met de meer dominante status. Video’s kunnen al deze effecten nog eens versterken.

Hier lees je meer wetenschappelijke tips over het kunstmatig boosten van je aantrekkelijkheid (al dan niet online).

Gebruikersnaam – Pas op met de naam die je kiest! Misschien vind je het van humor getuigen om jezelf ‘slappepietje’,’zombie123’ of ‘rattenvanger’ te noemen, maar je scoort daarmee direct minder punten. Profiel met namen die negatieve connotaties hebben worden als ‘inferieur’ ervaren. Je wil juist dat potentiele partners gevoelens van aantrekking, betrouwbaarheid, avontuur, speelsheid of humor met jouw profiel associëren.

Mannen worden blijkbaar eerder warm van profielnamen die fysieke aantrekkelijkheid en vrouwelijkheid laten doorschemeren (blondeshavemorefun, cutiepie) en vrouwen door woorden die op intelligentie, beschaafdheid of sociale dominantie duiden (chopinliefhebber, baasP).

Tip van de onderzoekers: mensen zijn eerder geneigd mensen te mailen die ‘toevallig’ matchende of overeenkomstige namen hebben. Bijvoorbeeld: ‘Surfboy33’ en ‘SurfingLisa’. Als je de gelegenheid hebt eerst in de database te kijken (of je profielnaam aan te passen) dan kun je daar dus je voordeel uit halen.

Profielboodschap – Ben je niet zo fotogeniek? Een goede tekst kan veel goedmaken. Welke berichten scoren het best? Korte. Hou de eerste boodschap simpel, speels en overwegend positief. Je kunt later de diepte in. Een korte tekst nodigt meer uit dan een lange, ingewikkelde lap tekst met eisen en beschrijvingen die niets te wensen overlaten. Op een datingsite gelden in zekere zin dezelfde sociale regels als in het echte leven. Daters gaan ervan uit dat je hier bent om een leuke dialoog wilt starten niet om alleen over jezelf te praten of te laten weten wat jij nodig hebt. Niemand is geïnteresseerd in een eenzijdige monoloog.

Als jij een potentiele date kort kan laten stilstaan bij jouw profieltekst, dan geeft dat jouw algehele profiel een meerwaarde. Een grappige profieltekst of prikkelende vraag is genoeg. Dat geeft direct een voorzet om een origineel (en daarom memorabel) gesprek te beginnen.

Let er ook op dat tekst prettig leest en geen rare taalfouten bevat. Onderzoek laat zien dat ‘aantrekkelijke’ teksten de bijhorende profielfoto’s ook aantrekkelijker maken. Mensen proberen op basis van losse, gebrekkige flarden informatie intuïtief het hele plaatje van jou in hun hoofd te creëren. Als ze vermoeden dat jij een leuk, interessant innerlijk hebt dan wordt ook jouw uiterlijk (in dit geval je profielfoto) er aantrekkelijker door. Andersom geldt dit ook: iemand die eruit als een reclamemodel zal potentieel geïnteresseerden laten afknappen met een domme of slechte tekst.

Ben je dyslectisch of ben je geen geweldig schrijver? Laat iemand je tekst checken.

Zelfbeschrijving – Een kleine beschrijving van jezelf is nuttig, want daarmee laat je de ander zien wie (je denkt dat) je bent. Het lijkt erop dat er eerder afspraken uit voorkomen, naarmate een profiel meer waarheidsgetrouwe informatie bevat. Probeer daarom ook een aantal unieke details en typische trivia van jezelf of jouw leven te geven. Dan brengt je profiel meer tot leven. ‘Op zondag kijk ik graag naar paardenraces’ zegt meer dan ‘paardenliefhebber’.

Laat de beschrijving niet alleen over jou gaan, maar ook over wat je in een ander zoekt. Daardoor voelt de profiellezer zich eerder geroepen te reageren: De 70/30-ratio lijkt prima te zijn. Beschrijvingen bestaande uit 70 % eigenschappen over jezelf en 30% over wat je graag in een ander ziet, sorteren gemiddeld het beste effect. In formulevorm: ‘Ik ben 1,2 3, hou van 4, 5, 6, 7 4 en zoek iemand die vooral 8,9 en 10 is.’ Zo’n tekst geeft indirect de suggestie: ‘Reageer als jij je in mijn zoekcriteria herkent en mij ook wil leren kennen.’ Iemand die het alleen over zichzelf heeft, lijkt meer bezig te zijn met een soloproject: ‘Vind mij leuk’. Andersom is het ook verdacht als iemand in een eisenlijstje aangeeft wat hij/zij van een ander verwacht, zonder iets over zichzelf bloot te geven.

Een waarschuwing: omdat datingsites gevuld zijn met vreemden en onbekenden (en ook een platform bieden voor foute types en zelfs oplichters) zijn online daters terecht een beetje achterdochtig. Ze letten daarom op cues die jouw beschrijving tegenspreken. Een ‘echte literatuurliefhebber’ die rare taalfouten neem je niet snel serieus. Net als de ‘lolbroek’ die niet grappig schrijft of de ‘piloot die ‘het heerlijk vindt zijn Boeing te besturen’. Het is nogal ongeloofwaardig. Je krijgt eerder bonuspunten als je laat zíen dat je grappig of intelligent bent zonder het expliciet te benoemen.

Communicatie – Ook al ken je elkaar niet, mensen willen graag als een uniek individu behandeld worden. Een algemeen (copy-paste) mailtje zal weinig deuren openen. ‘Hoi, als mijn profiel jou ook leuk lijkt, zou ik graag kennismaken’. Zo’n openingsmail vraagt erom genegeerd te worden. Het is veel aantrekkelijker als je laat zien dat jou écht iets is opgevallen uit iemands profiel. Een korte, positieve opmerking over een foto werkt al. Vooral als je die aanvult met een originele waarneming of vraag. Een goede vraag is een uitnodiging aan de ander om iets van zichzelf te laten zien. In het beste geval streelt zo’n vraag niet alleen iemands ego omdat je echt interesse toont, maar het lijdt ook eerder tot een connectie.

Waarschuwing: berichten die overdreven vleiend zijn, worden vaak niet geloofd en creëren juist wantrouwen over het motief van de zender. ‘Wat ben jij een prachtige vrouw zeg: zowel innerlijk als uiterlijk.’ Wantrouwen is terecht want de schrijver kent die vrouw helemaal niet.

Verder is het goed te letten op overeenkomsten. Een connectie ontstaat wanneer je het gevoel hebt dat je iets deelt. Een visie, een interesse, een gevoel, een reis, een werkvloer, een geheimpje, dezelfde kledingsmaak, een button. Het gevoel van herkenning ontstaat soms al wanneer je iets heel lulligs met elkaar deelt.

Humor is lastig te bevatten, maar als je het hebt is dat een enorme pre. Niets helpt het ijs zo ontdooien als zelfrelativering en humor. Het is een ontlading van spanning. Vooral bij vrouwen staat humor hoog op het lijstje. Als humor wordt gebruikt om kwetsbaarheid te maskeren en oppervlakkig te blijven, dan is het dodelijk voor de intimiteit.

Je hebt er vast al veel over gehoord: spiegelen is belangrijk in communicatie. Mensen die een connectie met elkaar hebben zullen elkaar over het algemeen spiegelen in verbale en non-verbale aspecten als lichaamshouding, toon, mimiek en woordgebruik. In een café kun je al snel zien welke gesprekspartners een goede band hebben. Maar je kunt overdrijven. Sommige daters worden een dweil wanneer ze iemand leuk vinden, en spiegelen alles wat hun date schrijft of zegt, maar of dát nou zo aantrekkelijk is. Een beetje karakter en eigenheid tonen is voor de spanning niet verkeerd.

De eerste ontmoeting – Een grote valkuil is lang door mailen zonder af te spreken. Op die manier kun je verliefd worden op de fantasie die je op iemand hebt geprojecteerd. De meest efficiënte manier om te zien of er magie is, is iemand ontmoeten. Maak het niet te ingewikkeld, leg er niet teveel druk op en probeer er zeker geen grootste gebeurtenis van te maken. Want stel dat het niet klikt? Daar zitten jullie dan bij het voorgerecht van een vijfgangendiner gevolgd door een theaterstuk. Hadden jullie nu maar een koffieafspraak gemaakt. Als het na een korte ontmoeting klikt kunnen jullie alsnog een restaurant opzoeken.

Intimiteit ontstaat als twee mensen (om en om) persoonlijke informatie uitwisselen. Goede vragen stimuleren die intimiteit uiteraard. Dus: stel vragen en probeer niet te scoren door je indrukwekkende cv te reciteren.

Het is goed de date positief te eindigen. Het brein is geëvolueerd om laatste momenten extra goed te onthouden, zodat het later de draad weer kan oppakken. Een leuke date dat eindigt met een valse toon kan daardoor toch een zure nasmaak krijgen. Vooral pushen, claimen en drammen zijn grote afknappers.

Hard to get spelen? Hoeft niet: het wordt leuk gevonden als je laat doorschemeren iemand echt interessant te vinden. Maar overdrijf het niet, want mensen worden het meest geboeid als ze niet weten of de ander hen nu wel of niet echt leuk vindt. Laat dus in het midden hóe leuk je iemand vindt.

De laatste les die ik wil meegeven. Probeer plezier te beleven aan het datinggebeuren door het leuke ervan in te zien en niet teveel op resultaten gericht te zijn. Verwacht geen spectaculaire ontmoetingen, maar sta er wel voor open. Als je realistische verwachtingen koestert zal dit je helpen niet teleurgesteld te raken en online daten te zien voor wat het is: een extra mogelijkheid om naast al je andere bezigheden een speciaal iemand te ontmoeten.

eKudos Nu Jij

Heeft Tinder een negatief effect op zelfwaarde en lichaamsbeeld?

Daar lijkt het wel op. Recent Amerikaans onderzoek laat zien Tinder-gebruikers en negatiever beeld van hun eigen gezicht en lichaam hebben dan singles die de app niet gebruiken. Vreemd genoeg leidde dit volgens het onderzoek vooral bij mannen tot een negatiever zelfbeeld. Onderzoeker Jessica Strübel: ‘We vonden dat actief zijn op Tinder, onafhankelijk van sekse, correleerde met ontevredenheid en schaamte over het eigen lichaam, het internaliseren van maatschappelijke verwachtingen over schoonheid, het jezelf fysiek vergelijken met anderen en een afhankelijkheid van de media voor informatie over aantrekkelijkheid en uiterlijk.’

Het kan zijn dat juist mensen met een lager zelfbeeld zich aangetrokken voelen tot een app als Tinder, maar dat lijkt niet waarschijnlijk. De aard van Tinder maakt mensen noodgedwongen bewust van hun ‘fysieke’ marktwaarde. Bij Tinder gaat het in eerste instantie om uiterlijke schijn en oppervlakkige criteria: pas wanneer je elkaar allebei op het eerste gezicht de moeite waard vind, kun je met elkaar chatten. Als jij een interessant profiel niet terugziet, dan betekent dat dat jij door die persoon zonder pardon bent weggeswipet. Deze onpersoonlijke manier van matchen, geeft de gebruiker het akelige gevoel dat hij oninteressant en vervangbaar is.

Waarom dit, volgens dit onderzoek, vooral de zelfwaarde van mannen een knauw lijkt te geven? De onderzoekers geven geen verklaring. Mijn gok is dat mannen er een minder streng selectiebeleid op nahouden over met wie ze willen daten en daardoor statistisch gezien meer afwijzingen te verduren krijgen. Vrouwen zijn namelijk wel een stuk selectiever. Hierom zijn een aantal goed uitziende, hoogopgeleide mannen ontzettend populair, en worden de middenmoters sneller over het hoofd gezien.

Hoe meer er te kiezen valt, hoe oppervlakkiger hun selectiecriteria worden. Het eindeloos scrollen door al die profielen doet iets raars met je brein.

Punt van discussie: het onderzoek werd gedaan onder 1.317 studenten: bij uitstek een levensfase waarin uiterlijk er zeer toe doet. Het zou goed kunnen dat het lichaams- en zelfbeeld bij volwassenen minder sterk beïnvloed zou worden.

Bron.

Meer lezen over online daten?
Online daten en het keuzeprobleem.
Voordelen van online daten
Nadelen van online daten

eKudos Nu Jij

Waarom je het geluk niet in de toekomst vindt

‘Alle dingen worden met meer hartstocht nagejaagd dan genoten.’ William Shakespeare, schrijver

‘Aan de horizon is het altijd mooier en erachter is het nog mooier. Tot je er bent.’
Libera B Carlier, schrijver

Stel eens dat in jouw leven precies gebeurt waar je zo lang voor gewerkt hebt. Je wilde bijvoorbeeld succesvol muzikant worden en na meer dan tien jaar oefenen, talentenjachten aflopen en afwijzingen ondergaan, komt daar ineens je grote doorbraak. Je wordt opgemerkt door het grote publiek én alle interessante platenlabels willen jou contracteren. Je allergrootste droom, eentje waarvoor je jarenlang alles opzij hebt gezet, wordt bewaarheid.
Hoe lang denk je dat je van dit succes zou genieten? Zou je daar misschien net zo lang genieten als dat je er voor geknokt hebt, zo’n tien jaar dus? Je weet het antwoord intuïtief vast al. Waarschijnlijker is dat je een paar dagen na het grote nieuws alweer begint te stressen over een volgend album. Dat moet natuurlijk minstens zo goed worden als de eerste.

BERGWANDELING
Een groot succes voelt niet veel anders dan wanneer je een hele dag hebt gelopen door de bergen – op veel te warme bergschoenen met een iets te grote backpack – om eindelijk je schoenen uit te trekken, je tas in een hoek te pleuren en vanuit een hangmat je eten te bestellen. Wat we ook bereiken, na dat moment van euforie, went ons brein aan de nieuwe situatie en voelen we opnieuw de impuls om een nieuw toekomstdoel te verzinnen. Ons brein is extreem gevoelig voor kleine verschillen in vooruitgang of achteruitgang als het gaat om het bereiken van specifieke doelen, maar behoorlijk ongevoelig en zelfs onrealistisch als het gaat om het bepalen van een absolute geluksstandaard. Dat laatste bestaat namelijk niet.

De kans is zelfs aanzienlijk dat jouw successen je niet bevrijden, maar je slechts tot slaaf van een hogere geluksstandaard maken. Je voelt je als beroemde muzikant net zo goed of succesvol als je laatste album. Als jouw laatste meesterwerk een slechte recensie krijgt, voel jij je waarschijnlijk langer klote dan dat je je euforisch zou voelen wanneer je weer eens een lovende recensie krijgt. Ik ken een relatief succesvolle muzikant die inmiddels vaker naar zichzelf aan het googlen is dan dat hij musiceert. Ondanks dat hij voldoende geld met zijn hobby verdient en de vrouwen aan zijn voeten liggen is hij een van de meest ongelukkige, neurotische mensen die ik ken.

Kortom: we zijn (vanwege evolutionaire redenen) extreem gemotiveerd om vooruitgang te boeken, maar niet om er langdurig van te genieten wanneer we dat doel bereikt hebben. Je zou het een truc van ons brein kunnen noemen om onze overleving en voortplantingssucces te garanderen: actief blijven, territorium uitbreiden, de competitie voorblijven, een podium vinden – dat vergroot evolutionair gezien de kans dat wij en ons nageslacht overleven.

Op het moment echter dat mensen financiële onafhankelijkheid hebben (plus het daarbij passende landgoed hebben) zullen ze zelden langer dan een uur glimlachend achterover leunen. De eerste serieuze vraag die ze zichzelf stellen is meestal iets als: ‘Misschien moet ik dat stuk bos achter mijn huis opkopen om er een pretpark neer te zetten?’

IK BEN NIET GELUKKIG, MAAR WÉL GELUKKIGER DAN JIJ
Daarnaast zijn er nog twee (meestal onvoorziene) gevolgen die de pret van het succes drukken die te maken hebben met sociale vergelijking.

Minstens even goed
Niet leuk toe te geven, maar de meeste mensen voelen zich gelukkiger als ze het gevoel hebben dat ze het minstens even goed doen als hun vrienden en kennissen. Zo weten mensen namelijk of ze het maatschappelijk gezien goed hebben en reden hebben om gelukkig te zijn. Die sociale vergelijking is de reden dat we ondanks de collectieve rijkdom en luxe van nu niet gelukkiger zijn dan onze voorouders. Wij vergelijken onszelf namelijk niet met hen, maar met onze directe buren, kennissen en vrienden. En we vergeten dat dit sociale decor verandert op de weg naar het succes.

Vergelijken
Naarmate we dichter bij onze doelen komen, zijn de mensen met wie wij ons dan vergelijken vaak niet meer de mensen met wie wij ons in het begin vergeleken. We krijgen steeds meer te maken met mensen die in het nieuwe wereldje zitten. Als ambitieuze muzikant kom je bijvoorbeeld meer en meer collega-artiesten tegen die ook bezig zijn door te breken of al doorgebroken zijn. Je wordt dus steeds vaker geconfronteerd met mensen die nóg succesvoller zijn dan jij. Iets wat ongelooflijk bijzonder leek – een album uitbrengen – is op een gegeven moment doodnormaal in je nieuwe sociale omgeving.

Omdat het sociale decor verandert op de weg naar succes, hebben veel strategische carrièremoves vaak wel een positief effect op de bankrekening, maar zelden op het gevoel van welzijn. Stond je in je vorige bedrijf nog aan de top van de hiërarchische ladder, in het nieuwe bedrijf ben je ineens een nobody, iemand die zich nog moet bewijzen. En dat extra geld blijkt (volgens onderzoek) ook geen cent gelukkiger te maken.

Veel mensen zitten gevangen in een ‘topbaan’ die wel een goed inkomen en sociale status geeft, maar niet bijdraagt aan de levensvreugde. Deze werknemers werken zich suf, slapen slecht, zijn continu gespannen, en toch voelen ze zich ontzettend vereerd dat uitgerekend zíj deze baan hebben. In plaats van een stap terug te doen, zullen deze werknemers vaak doorgaan tot ze erbij neervallen.

Waarom stoppen deze mensen niet gewoon met hun baan of doen ze een stapje terug? Verliesaversie. Onderzoek laat zien dat mensen gemiddeld twee keer zo sterk worden gedreven om achteruitgang te voorkomen dan vooruitgang na te streven. Op het moment dat we iets níet hebben, kunnen wij prima zonder datgene leven, maar als wij – zelfs buiten eigen verdienste om – bepaalde voorrechten, status en eigendommen verkrijgen, vinden wij het ontzettend moeilijk om een stap terug te doen.

Verliesaversie plus vergelijkingsdrang verklaart deels waarom mensen verslaafd raken aan lege ‘statussymbolen’ die hen uiteindelijk niets gelukkiger maken. Een vrijstaande villa, een grote auto, een lidmaatschap van een exclusieve club mensen – als we het eenmaal hebben, is dat precies de reden waarom we (paradoxaal genoeg) bereid zijn jarenlang in grote schulden en dagelijkse stress te leven.

HELP, RAMPSPOED!
Het wordt interessant eens te kijken wat er gebeurt wanneer mensen écht een stap terug moeten doen. Door een tragisch verlies of ongeluk bijvoorbeeld. Wat gebeurt er met mensen als hun ergste nachtmerrie bewaarheid wordt? Bijvoorbeeld doordat ze vanaf hun nek verlamd zijn geraakt door een ongeluk? Dit is, als de beweeglijke sportfanaat die ik ben, een van mijn grootste nachtmerries geweest. Nooit meer sporten, zelfs geen wandeling naar het café. Er zijn wereldwijd genoeg mensen die dit rampscenario echt hebben meegemaakt. Ik denk aan de inmiddels overleden Christopher Reeve, de filmster die wereldberoemd werd als Superman in de gelijknamige filmreeks. Hij was een van de meest succesvolle acteurs ooit, totdat een paardrijongeluk op brute wijze een einde aan zijn triomfantelijke carrière maakte. Hij overleefde de val, maar werd na zijn coma gedegradeerd tot pratend hoofd. Zijn lichaam deed niet meer mee.

Een paar jaar later beschreef hij het ongeluk als ‘het allerbeste’ wat hem ooit was overkomen. Wablief? Een intelligente, knappe en rijke filmster noemt zijn verlamming het allerbeste wat hem is overkomen? Je hoeft geen cynicus te zijn om aan die uitspraak te twijfelen. Zou hij zichzelf niet gewoon keihard voor de gek houden om niet zwaar depressief en suïcidaal te worden? Een gevalletje plank voor je hoofd?

We kunnen niet meer in zijn hoofd kijken, maar gelukkig hebben we de onderzoeksresultaten van Dan Gilbert. Deze psychologieprofessor onderzocht ooit tientallen proefpersonen die ofwel miljonair door de loterij waren geworden of, net zoals Reeve, door een ongeluk verlamd waren geraakt. Twee uitersten. De eerste groep bestond uit de grootste mazzelaars die je kunt bedenken, met meer mogelijkheden en vrijheid dan ooit, de tweede groep uit de grootste pechvogels, met minder vrijheid en mogelijkheden dan voorheen. Hij was benieuwd hoe deze mensen zich een jaar later zouden voelen.

De resultaten verbaasden hem nogal. En jou vast ook, als je het onderzoek tenminste niet kent. Tegen zijn verwachting in bleken beide groepen namelijk min of meer weer net zo gelukkig als voor hun ongeluk of winnende lot. In de groep miljonairs verslechterden de intieme relaties zelfs ietwat, wat hun geluksgevoel wat drukte. Waarschijnlijk omdat ze niet meer wisten wie er voor het geld met hen omging en wie niet.

De conclusie lijkt ronduit belachelijk. Het maakt voor je geluksgevoel op de langere termijn weinig uit of je een vreselijk ongeluk krijgt of de lotto wint? Haast niet voor te stellen, maar zijn onderzoek is rigoureus opgezet. Natuurlijk zegt dit onderzoek niets over specifieke individuen zoals jij en ik, en het is stukken beter de loterij te winnen dan je nek te breken, maar dit onderzoek is geen toevalstreffer en andere studies bevestigen deze zogenaamde impact bias. Of we nu wel of niet slagen voor de studie, een partner verliezen of ontslagen worden: het effect ervan op onze stemming is na een aanpassingsperiode onmerkbaar. De individuele geluksbasis die mensen hebben is – na een periode van ellende of vreugde – veel stabieler dan ze verwachten. Die basis schommelt rondom een bepaald gemiddelde, wat we in de tussentijd ook meemaken. Volgens Gilbert geven de meeste mensen zichzelf een zeventje en behalve wat pieken en dalen blijft dat min of meer zo.

Kortom: we denken dat specifieke situaties ons gelukkig of zwaar ongelukkig zullen maken en we doen er alles aan om die nare situaties te vermijden en die gelukkige situaties na te jagen, maar zelfs als dit mislukt, passen we ons mentaal sneller aan het oude niveau aan dan wij van tevoren inschatten. Hoe kun je deze tegennatuurlijke resultaten eigenlijk verklaren?

Er zijn meer redenen te geven, maar in het kort komt het erop neer dat wij de positieve kanten van negatieve ervaringen en de negatieve kanten van positieve veranderingen onderschatten. Wanneer wij van tevoren aan het overlijden van een dierbare denken, zien we een grijs uitgeslagen lichaam, grafstenen, zwartgeklede mensen met verwrongen, betraande gezichten, een lege ontbijttafel, jammerende kinderen, enzovoorts. Als het drama eenmaal is geschied, ervaren wij de rampspoed toch iets anders – en waarschijnlijk minder dramatisch – dan we ons hadden voorgesteld. We vergeten dat het leven in het hier en nu ook dan gewoon doorgaat, inclusief de leuke dingen: het kopje koffie in de ochtend, een aardige klant op het werk, sporten met een vriendin, een spelavond met vrienden, een warm bad. En we vergeten al helemaal dat er ook mooie kanten aan een drama kunnen zitten: intensiever contact met familieleden, een hereniging met een oude vriend of vriendin, tijd voor oude en nieuwe hobby’s, een nieuwe liefde zelfs.

Andersom verwachten mensen dat hun geluk niet op kan wanneer ze de loterij winnen. Sommigen verwachten zelfs dat al hun problemen in één klap zijn opgelost. Maar als je de loterij wint, kun je nog steeds het slachtoffer worden van de driften van je partner, een rughernia, je dagelijks terugkerende ochtendhumeur, de afwijzingen van een date of potentiële werkgever, enzovoorts. Dat vergeet je op het moment dat je jouw winnende lot verzilvert.

BLIJVEN HANGEN IN SLECHTE RELATIES
Onze belabberde voorspellende gaven zorgen er ook voor dat veel mensen onnodig in slechte relaties blijven hangen: ze zien alleen (of vooral) de nare aspecten van de breuk voor zich en niet de nieuwe mogelijkheden. Ze zien een halfleeg bed, een moeilijk gesprek met de kinderen, eenzame kerst, een gevoel van falen op het jaarlijkse familie-uitje. In werkelijkheid raken mensen met een gebroken hart er gemiddeld sneller bovenop dan ze hadden verwacht. Bijna alles went (behalve langdurige interpersoonlijke conflicten, geluidsoverlast, pijn en echte armoede).

We lijken vast te zitten in wat psychologen de hedonistische tredmolen noemen. Hoe hard we ook werken, wat we ook verzamelen, hoe aantrekkelijk de persoon ook is met wie we verkering krijgen, echt veel gelukkiger of ongelukkiger worden we daar niet van. Je zou het de tragiek van overambitieuze mensen kunnen noemen die zich blindstaren op geluk in de toekomst en daardoor chronisch ongelukkig zijn. Veel levens worden verspild in de ijdele hoop dat een bepaald project of bezigheid het ultieme geluk gaat opleveren.

De ontnuchterende les die je hier uit kunt trekken? Doe iets wat je nu al gelukkig maakt, nog voordat je er geld, roem of status mee vergaart. Geluk is toch echt een ‘hier en nu’-ding.

eKudos Nu Jij